Wie mag onteigenen? Sinds de Omgevingswet beslist niet meer de Kroon over onteigening, maar het bestuursorgaan dat daarvoor is aangewezen. Daarbij is het belangrijk twee rollen te onderscheiden. Het bevoegd gezag neemt de onteigeningsbeschikking. De onteigenaar voert de onderhandelingen en wordt de nieuwe eigenaar. Vaak horen beide bij dezelfde overheid, maar dat hoeft niet. In dit artikel leest u wie welke rol kan hebben en waarom dat voor u van belang is.
Het bevoegd gezag: wie neemt de beschikking?
Volgens artikel 11.4 van de Omgevingswet kan de onteigeningsbeschikking worden gegeven door:
- de gemeenteraad, als de onroerende zaak in de gemeente ligt;
- het algemeen bestuur van het waterschap, als de zaak in het waterschap ligt en de onteigening past bij de taken van het waterschap;
- Provinciale Staten, als de zaak in de provincie ligt en het om een provinciaal belang gaat of provinciale besluitvorming doelmatig is;
- de minister die het aangaat, bij een nationaal belang of als nationale besluitvorming doelmatig is.
Of er een provinciaal of nationaal belang is, hangt niet automatisch af van wie het plan heeft vastgesteld. Een gemeentelijk omgevingsplan kan bijvoorbeeld een provinciale weg mogelijk maken, waarna Provinciale Staten de beschikking geven. Het criterium doelmatig ziet onder meer op samenwerkende overheden die de grondverwerving aan één van hen overlaten. Die taakverdeling moet tijdens het minnelijk overleg duidelijk zijn voor de eigenaren.
Geen delegatie of mandaat
Het algemeen bestuur moet de beschikking zelf geven. Het kan die bevoegdheid niet overdragen aan het dagelijks bestuur of aan een ambtenaar. Het college van burgemeester en wethouders kan dus niet in plaats van de gemeenteraad beslissen.
Voorbereidende en uitvoerende taken mogen wel door het dagelijks bestuur worden gedaan. Denk aan het ter inzage leggen van het ontwerp en het indienen van het verzoek tot bekrachtiging. Daarom ziet u in de praktijk vaak brieven van het college, ook als de gemeenteraad beslist. Dat is op zichzelf dus geen fout.
De onteigenaar: wie wordt eigenaar?
De onteigening vindt plaats op naam van de onteigenaar. Artikel 11.2 van de Omgevingswet noemt een gemeente, waterschap, provincie en de Staat. Ook een andere rechtspersoon kan onteigenaar zijn, als de beoogde ontwikkeling hem is toegestaan. Voorbeelden zijn ProRail, een netbeheerder, een drinkwaterbedrijf of een woningcorporatie.
Zo’n andere rechtspersoon kan niet zelf een beschikking nemen. Hij moet die aanvragen bij een bevoegd gezag. Daarvoor geldt in beginsel een beslistermijn van zes maanden. Ook een overheid kan zo’n aanvraag doen, bijvoorbeeld als een gemeente voor een project grond nodig heeft in de buurgemeente. Een private of andere partij kan dus onteigenaar worden, maar de beslissing ligt altijd bij een bestuursorgaan.
Wie mag onteigenen en wie doet wat?
De onteigenaar:
- voert het minnelijk overleg en doet de biedingen;
- stelt het onteigeningsdossier samen of vraagt de beschikking aan;
- vraagt de civiele rechter de schadeloosstelling vast te stellen;
- betaalt de schadeloosstelling en vraagt de notaris om de onteigeningsakte.
Het bevoegd gezag:
- bereidt de beschikking voor en legt het ontwerp ter inzage;
- reageert op de zienswijzen en geeft de beschikking;
- vraagt de rechtbank om bekrachtiging en reageert op bedenkingen;
- legt de uitspraak ter inzage.
Waarom doet het ertoe wie mag onteigenen?
De rollen bepalen bij wie u moet zijn. Uw zienswijze dient u in bij het bevoegd gezag. Zie De zienswijze tegen een ontwerp-onteigeningsbeschikking. Uw onderhandelingen voert u met de onteigenaar. Uw bedenkingen gaan naar de rechtbank. Zie Bekrachtiging, bedenkingen en hoger beroep.
Ook inhoudelijk kan het uitmaken. Bevoegdheid is onderdeel van de vraag of de beschikking rechtmatig is. Controleer daarom of het juiste orgaan heeft besloten, of de zaak binnen het gebied van dat orgaan ligt en of het belang past bij de genoemde taak. Lang niet elke oneffenheid leidt tot een afwijzing, maar het is een controle die u op tijd moet doen. Een waterschap kan bijvoorbeeld niet voor iedere ontwikkeling onteigenen, en een minister moet kunnen uitleggen welk nationaal belang speelt.
De onteigeningslijst bij de beschikking noemt per perceel de naam van de onteigenaar en van de eigenaren en beperkt gerechtigden. Klopt uw naam of perceelsgrootte niet? Meld dat dan in uw zienswijze.
Wat als meerdere overheden samenwerken?
Bij grote projecten werken overheden vaak samen. De ene overheid verzorgt dan de grondverwerving en een andere geeft de beschikking. Dat mag, maar het moet voor u duidelijk zijn. Vraag dus wie namens wie met u spreekt en wie de uiteindelijke beslissing neemt, en leg de antwoorden vast.
Wie mag onteigenen staat in de artikelen 11.2 en 11.4 van de Omgevingswet. Een toelichting vindt u ook bij het Informatiepunt Leefomgeving.
Conclusie: wie mag onteigenen?
Elke overheidslaag kan onteigenen, maar alleen binnen de eigen taak of het eigen gebied en altijd via het algemeen bestuur of de minister. Ook een private partij kan onteigenaar worden, maar niet zonder een besluit van de overheid. Weet daarom wie welke rol heeft voordat u reageert. Meer over de eisen leest u in Wanneer mag de overheid onteigenen? De volledige route vindt u in De onteigeningsprocedure stap voor stap.
Wilt u eens kosteloos praten over uw situatie? Bel ons op 026 – 382 6417 of mail naar info@liebregtsleistra.nl.